De Zaanse liquidaties: Jacob van der B.

Jacob van der B. (1920/28-11-1944)

Tijdens de Tweede Wereldoorlog brachten Zaanse verzetsstrijders meer dan twintig collaborateurs, zwarthandelaren en andere gevaarlijk geachte personen om het leven. In mijn boek ‘Korte metten. De Zaanse liquidaties (1940-1945)’ worden deze liquidaties uitgebreid beschreven. Ook de mislukte en verzonnen aanslagen alsmede de dilemma’s die deze beslissingen over leven en dood met zich meebrachten komen in ‘Korte metten’ uitgebreid aan bod. Het 148 pagina’s tellende boek is te bestellen in de boekhandel, via Bol.com of door overmaking van €17,95 op rekening NL34 ASNB 0708 004 326 ten name van E. Schaap in Zaandam (o.v.v. ‘Korte metten’).

Hieronder het hoofdstuk over de eliminatie van Jacob van der B.

In het najaar van 1944 beseften de Duitsers en hun handlangers meer dan ooit dat het Duizendjarig Rijk een utopie was. In hoog tempo werd er apparatuur uit fabrieken gestolen, opdat de nationaalsocialisten deze materialen naar hun vaderland konden vervoeren. De Zaanse illegaliteit probeerde waar mogelijk te voorkomen dat de roofbuit verdween. Enerzijds door zelf machines te demonteren en onder te brengen op veilige plekken, anderzijds door de slopers te intimideren.

Een van de grotere bedrijven die werden ontdaan van hun inventaris was de papierfabriek Van Gelder in Wormer. Voor het ontmantelen huurden de Duitsers arbeiders in. De aantrekkingskracht van hun werk zat hem vooral in het relatief hoge loon, 108 gulden per week. Omdat mondelinge en schriftelijke waarschuwingen aan het adres van deze slopers niet hielpen, besloot het gewapend verzet in oktober 1944 over te gaan tot hardere acties. RVV-commandant Henk de Wit deed na afloop verslag van de eerste poging om werkers de les te lezen die ‘de arbeiders van V.G.Z. brodeloos maken’. In De Wits woorden, die gericht waren aan zijn commandant Jan Jongh: de RVV en KP werd opgedragen ‘ze met stenguns te bewerken’. Aldus geschiedde op 13 oktober.

Na te hebben gezocht naar de meest geschikte plek om de sloopploeg onder vuur te nemen kozen de illegalen twee Zaandamse locaties uit: de spoorwegovergang bij de Provincialeweg richting Westzaan en diezelfde Provincialeweg, maar dan ter hoogte van de Frans Halsstraat. Zowel bij de Hogendijk als bij de Frans Halsstraat werd een auto met vijf gewapende mannen geposteerd. Om het contact tussen beide ploegen te onderhouden zouden er lichtsignalen worden gegeven, ten teken dat de wagens met slopers onderweg waren. Dat laatste ging niet helemaal goed. Toen de eerste auto met arbeiders vanuit Zaandijk via de Provincialeweg richting Amsterdam reed kwam er geen waarschuwing. Henk de Wit: ‘Door misverstand van de lichtseiners is de eerste auto met moffenknechten er zonder beschoten te zijn eraf gekomen.’

Bij het tweede voertuig was het wel raak. Ter hoogte van de Frans Halsstraat knetterden plotseling drie stenguns. De Wit: ‘Een gekerm steeg op en de moffen en O.T.’ers [Ordetroep] schoten terug na gestopt te hebben.’ De vijf verzetsstrijders konden echter wegkomen zonder schade op te lopen. De chauffeur van de getroffen vrachtwagen slaagde er in om zijn weg te vervolgen, maar de inzittenden waren nu – voor zover niet gewond – extra alert.

Na een kwartiertje bereikten ze de Hogendijk, waar de tweede valstrik was uitgezet. ‘Toen zij drie man zagen staan, begonnen zij reeds te schieten. Hoewel de kogels om hun oren vlogen hebben de jongens de stens er op gezet’, aldus De Wit. ‘Ondanks het gillen en schreeuwen in de auto, ook om te stoppen, reed hij met verdubbelde snelheid door.’ Slingerend en met hoge snelheid ging de wagen er vandoor. Het Amsterdamse verzet gaf later door dat er flink wat gewonde inzittenden waren en er een ambulance nodig was om slachtoffers af te voeren. De waarschuwing werkte: in de dagen na de schietpartij parkeerde er nog maar één sloopploeg bij Van Gelder, in plaats van de gebruikelijke drie auto’s.

De tien mannen die aan beide acties hadden meegedaan bleven ongedeerd en keerden na gedane arbeid terug naar hun uitvalsbasis, een boerderij in de Enge Wormer. Daar werden ze onthaald op koffie en pap. Een tevreden Henk de Wit: ‘Op te merken valt dat als je op operatie uitgaat je nog steeds op de hulp van vele Nederlanders kunt rekenen. De stemming was prachtig.’ Waarna hij tot besluit van zijn rapport een ‘eindconclusie’ trok: ‘Hollanders bij de O.T. schieten op de manschappen van de NBS. Dit geldt ook voor de NSKK [Nationalsozialistische Kraftfahrkorps]; zij zijn dus volksvijandig en verdienen de kogel. Wat nu ondervonden is door ons met die lieden hebben de kameraden in alle bezettende landen ook ondervonden. De kogel is dus niet te zwaar.’

Anderhalve maand na de schietpartij bij de Provincialeweg werd het opnieuw noodzakelijk geacht om geweld te gebruiken. Het schrikeffect van de eerste aanval was uitgewerkt en bij Van Gelder werd als vanouds gestolen. Op 28 november beschoten enkele mannen met stenguns ter hoogte van station Koog-Zaandijk een door paarden voortgetrokken wagen waarover een dekzeil was gespannen. Daaronder en op de bok zaten slopers. De schutters wachtten de wagen op ter hoogte van de kiosk tegenover het station. Toen het voertuig daar arriveerde haalden ze vanonder hun regenjassen de wapens tevoorschijn en vuurden enkele salvo’s af.

Een van de deelnemers was de Wormerveerse KP-commandant Jan van der Maeden. In 1946 schreef hij een beeldend verslag van de aanval op de sloopploeg. ‘Stens juist klaar toen de wagen passeerde. “Vooruit makker, daar gaat ie dan”, was het wat lange Piet zei. We reden de weg op. Zo gauw Gerrit en Hannes ons achter het station vandaan zagen komen, stopten zij alle verkeer wat ons van achteren naderde, ieder met een “knots” in hun vuist (revolver merk Remington). De salvo’s barstten los uit de machinepistolen. Angstgegil, misschien wel doodskreten als reactie. Paar stappen terug. Nog een salvo. Blijkbaar zwaar gewond tuimelde er een van de wagen. Een adembenemende stilte trad in. Scherp stak het rode bloed af tegen het lichte droge asfalt. Een vreemd gevoel bekroop je, maar dan direct drong je het weer terug. (…) Als de bliksem de zijstraat in. Even een blik naar Gerrit en Hannes. Alles liep mee. Het had misschien 4 of 5 minuten in het geheel geduurd, maar het scheen veel langer. Onderweg niets dan verbaasde burgers, die met open mond en grote ogen naar het wapen gaapten. Bijna op het eind van de zijstraat een steegje in en demonteren geslagen. (…) Na ongeveer 1 km. gefietst te hebben, wederom afgestapt, jassen uit, petten op, pijpje in de brand en we voldeden weer aan de eisen die ons P.B. [persoonsbewijs] stelde. Piet als opzichter en ik als boer.’

De bijrijder op de bok werd tijdens de aanval gedood en viel tegen voerman H. aan. Drie andere slopers, van wie het merendeel uit Zaandam kwam, raakten gewond. De naam van het dodelijk slachtoffer is nooit geopenbaard, maar het betrof waarschijnlijk de 24-jarige los werkman Jacob van der B. Hij bezweek die middag in het Zaandamse Gemeenteziekenhuis.

Doordat de voerman de paarden liet galopperen voorkwam hij nog meer slachtoffers. Hij was al een paar malen door het verzet gewaarschuwd om te stoppen met zijn werkzaamheden, maar dat haalde niets uit. Met zijn  dode bijrijder en de gewonden reed H. snel naar het Gemeenteziekenhuis aan de Zaandamse Frans Halsstraat. Daar werd hulp verleend. Als door een wonder bleef een meeliftende moeder met haar baby in een kinderwagen gevrijwaard van verwondingen. De kinderwagen en de houten bank waarop de slopers zaten waren wel doorzeefd. Het verhinderde transportbedrijf Gebr. Zwart niet om de bank nog jaren in de Zaandamse kantine te gebruiken. Een aantal slopers stopte na dit effectieve staaltje intimidatie met het ontmantelen van papierfabriek Van Gelder, uit angst een volgende keer het slachtoffer te worden van een dodelijk salvo.

B) Henk de Wit en Jan Brasser (mei 1945) Henk de Wit (l.) en Jan Brasser (mei 1945)

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.