De Zaanse liquidaties: Willem Ritman

Willem Ritman (Nuenen, 12-9-1907/Velsen, 6-4-1944)

Tijdens de Tweede Wereldoorlog brachten Zaanse verzetsstrijders meer dan twintig collaborateurs, zwarthandelaren en andere gevaarlijk geachte personen om het leven. In mijn boek ‘Korte metten. De Zaanse liquidaties (1940-1945)’ worden deze liquidaties uitgebreid beschreven. Ook de mislukte en verzonnen aanslagen alsmede de dilemma’s die deze beslissingen over leven en dood met zich meebrachten komen in ‘Korte metten’ uitgebreid aan bod. Het 148 pagina’s tellende boek is te bestellen in de boekhandel, via Bol.com of door overmaking van €17,95 op rekening NL34 ASNB 0708 004 326 ten name van E. Schaap in Zaandam (o.v.v. ‘Korte metten’).

Hieronder het hoofdstuk over de eliminatie van Willem Ritman.

Willem Ritman begon in 1930 zijn carrière bij de politie. Hij werd daar schrijver en twee jaar later inspecteur. Ritman was al vroeg een geestdriftig nationaalsocialist. In 1934 tekende hij voor het lidmaatschap van de NSB. Hij bleef lid van deze beweging tot aan het moment dat het ambtenaren werd verboden lid te zijn. Na de bezetting trad hij opnieuw toe tot de organisatie van Anton Mussert. De Duitse inval in Nederland betekende voor hem een versnelde promotie. Tussen 1 juli 1940 en 1 maart 1943 ging hij er vier keer in rang op vooruit. De onderluitenant/rechercheleider (sinds mei 1942) in Velsen was een fanatieke dienstklopper en mede daardoor gehaat door het verzet.

Willem Ritman werd weliswaar in Velsen-Noord om het leven gebracht, maar zijn liquidatie vond plaats in opdracht van Jan Brasser uit Krommenie. Bovendien losten Zaanse communistische verzetsmensen de fatale schoten. Ritman was volgens RVV’er Brasser een ‘slavenhaler’, iemand die ‘veel vernietigend werk had gedaan ten aanzien van goeie Nederlanders, ook onderduikers. Wij hadden inlichtingen dat ie met “verlinkers” werkte. Dat waren provocateurs. Ze gingen de boeren af om voedsel; ze keken dan meteen of er onderduikers bij die boeren gehuisvest waren.’ Ritman moest daarom de hoogste prijs betalen.

’Voor Leider, Volk en Vaderland viel op 6 april door laffe sluipmoordenaarshand onze trouwe kameraad Willem Ritman’, rouwde de NSB nadien via een advertentie in haar lijfblad. Op 21 april 1944 plaatste de beweging zelfs een gedicht om ‘de dood van kam. W. Ritman’ te gedenken. ‘Armzalig is de mens wiens haat/Nog verder reikt dan tot de dood./Armzalig is al ’t hol geblaat/Dat van zijn waarheid is beroofd’, kreupelrijmde ene Siep in Volk en Vaderland. En op 1 mei was er wederom een schriftelijk eerbetoon, nu in het NSB-blad Rechtsfront. Dit keer heette de bewieroker Abraham Harrebomée, een uiterst fanatieke en sadistische nationaalsocialist die in 1947 zou sterven voor het vuurpeloton. ‘Hij viel als werkelijk politieman, in het uniform dat hij zo graag en met ere droeg, en zijn laatste woorden tekenden hem’, schreef Ritmans collega. ‘Hij deelde n.l. een toesnellende burger nummer en letter der auto mede van waaruit op hem geschoten was en sloot toen voorgoed de ogen.’

Het betreffende voertuig werd op 6 april 1944 bestuurd door Jan Bonekamp uit IJmuiden. De andere inzittenden waren Zaankanters: Jan ‘Joop’ Jongh (voor de gelegenheid gekleed in een Duits uniform), Jan ‘Witte Ko’ Brasser en Mijndert ‘Anton van Houten’ van der Horst. Ze kregen hulp van de 18-jarige Limmense koerierster Alie Hollander. Ritman fietste van het werk naar zijn huis aan de Heirweg in Velsen-Noord en kwam daarbij over de Wijkerstraatweg, vlakbij de Velser pont. Daar vlakbij, in de Burgemeester Weertstraat, stond een (gestolen) Wehrmacht-auto met de vier mannelijke verzetsstrijders op hem te wachten. Diverse getuigen hadden de auto er al de hele middag zien staan, maar omdat er een Duitse militair voorin zat durfde niemand er iets over te zeggen.

Toen Ritman, een lange man in een korte leren overjas, zoals gebruikelijk als eerste de pont afreed en begeleid door zijn hond de wagen naderde, gaf Alie Hollander een teken aan de schutters. Bonekamp startte de automotor en reed achter de politieman aan. Vervolgens vuurden Brasser, Van der Horst en Jongh van korte afstand op hem. Ritman werd door negen kogels in zijn rug geraakt en was volgens Brasser op slag dood. ‘Eerst kwam nog het bericht dat ie zo bij de tijd was geweest om het nummer van de auto op te nemen’, vertelde Brasser in 1982. ‘Als dat al zo geweest was gaf dat niet, want we hadden valse nummerplaten gebruikt.’ Uit politiedocumenten komt naar voren dat de geslaagde liquidatie rond 18.00 uur plaatsvond en Willem Ritman vijftig minuten daarna zijn laatste adem uitblies. Zes dagen later werd hij begraven in Ellecom. Tot ergernis van de NSB weigerde Ritmans weduwe diens collega’s toe te laten bij de uitvaart. Zij stond afwijzend tegenover het gedachtengoed van haar man.

Daags na de dodelijke actie verschenen er plakkaten in de buurt met de boodschap dat eenieder die er informatie over achterhield gestraft zou worden. Het leverde geen aanwijzingen op die naar de daders leidden. Als represaille voor de aanslagen op Ritman en drie andere collaborateurs pakten de Duitsers onder meer 486 jonge mannen op. Deze grootschalige klopjacht vond op 16 april plaats in Beverwijk en Velsen-Noord. De gevangenen werden afgevoerd naar het Polizeiliches Durchgangslager Amersfoort. De meesten gingen vandaar door naar buitenlandse kampen. 149 gevangenen keerden niet terug naar hun woonplaats.

 B) Willem Ritman (collectie C. van der Zwet Slotenmaker)
Willem Ritman

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.